Corona dwingt ASML om sourcingdoctrine te heroverwegen

René Raaijmakers

19 april

De hightech glimt en glinstert door de coronacrisis heen. De vraag naar elektronica explodeert en dat resoneert in de Eindhovense industrie. ASML kan elke scanner verkopen die het kan produceren en bijvoorbeeld ook Kulicke & Soffa kan zijn plaatsingsmachines voor leds niet snel genoeg maken.

René Raaijmakers is uitgever van Mechatronica&Machinebouw.

De aanpassing aan de coronasituatie verliep echter niet geruisloos en was op sommige momenten buitengewoon pijnlijk. Dat bleek ook tijdens de forumdiscussie op de online conferentie High-Tech Systems 2021, waar representanten van ASML, VDL ETG en Festo een voorspelling gaven over de hightech na Covid-19. Niet iedereen is het eens over de mate waarin we terugschakelen naar normaal, maar zoveel is duidelijk: het wordt nooit meer hetzelfde.

Het was John Blankendaal van Brainport Industries die vanuit het publiek enigszins laconiek de gezondheid van de Nederlandse toeleverindustrie onder woorden bracht. ‘We lijden niet onder de coronacrisis’, zei hij. Wel deed de schaarste van elektronicacomponenten volgens hem zeer. ‘En de stijgende prijs van containers van en naar China. We kijken naar multiple sourcing-strategieën vanuit verschillende regio’s.’

Juist dat multiple sourcing zou op den duur wel eens de grootste impact kunnen hebben. Jelm Franse, hoofd mechanica bij ASML, vertelde dat het toch vrij schokkend was om erachter te komen dat zoiets simpels als de nabewerkingen van bouten zich bleek te concentreren in één specifieke regio in Italië. ‘Net zoals de mode in Milaan zit, zo ligt daar ook een zwaartepunt in metaalbewerking.’

Dat zorgde in Veldhoven voor enige paniek. ASML heeft een uitgebreide toeleverketen met behoorlijk gespecialiseerde partijen. Voor veel kritieke onderdelen of modules heeft de machinebouwer slechts één leverancier. Als een overheid dan met een totale lockdown in staat is om van de ene op de andere dag de regels te herschrijven, is dat een schokkende ervaring. ‘We werden paranoïde om te zorgen dat we kregen wat we nodig hadden’, zo verwoordde Franse het.

De grote tech-oem’s hebben het nog druk met aanpassen, maar het is helder dat ze zo veel mogelijk risico’s uit hun toeleverketens gaan persen. De pijnlijke ervaringen en bijna-ongelukken van de afgelopen tijd zullen ze de komende jaren vertalen in nieuwe eisen aan suppliers. Duidelijk is dat oem’s zich nog meer met sourcing gaan bemoeien, nog dieper in de keten willen kijken en meer transparantie vragen. Nog even in de woorden van Franse: ‘Het risicobewustzijn is toegenomen en gaat nooit meer weg.’

De supplychain zal het nu niet meteen merken, maar er komt met zekerheid weer een volgende crisis en die mag geen verrassingen meer laten zien. Vooral ASML krabt zich nu achter de oren. Zijn zeer succesvol gebleken strategie van multiple sources of compentencies, single source of products moet het nu heroverwegen. Deze doctrine schept een relatie tussen afnemer en toeleverancier die nogal dwingend is. Verschillende suppliers zijn in staat te leveren (multiple competencies), maar voor elk specifiek onderdeel kiest ASML in de meeste gevallen slechts één partner. Die partij levert gegarandeerd; niet presteren is geen optie.

Deze ongewone aanpak is natuurlijk niet voor niets ontstaan. Het biedt een aantal voordelen en het schept – laat ik me positief uitdrukken – een band, maar er zit veel meer achter. Het gaat me nu even over de toegenomen risico’s die door de coronacrisis aan het licht zijn gekomen. ASML heroverweegt nu zijn doctrine en dit gaat een grote impact hebben. Topman Doug Dunn riep begin jaren 2000 dat hij het bestaande speelveld met suppliers ging opschudden. Vervolgens veranderde er weinig. De relaties werden alleen maar hechter. Peter Wennink zal zeker een nieuwe poging wagen en in tegenstelling tot Dunn kan hij rekenen op zijn mensen.