De vier levens van Ricoh-printers

Het verdienmodel van Ricoh is al jaren gebaseerd op de huur van printers in een leaseconstructie. De systemen worden geleverd aan de klant, maar blijven in het bezit van de producent. Daarom heeft het Japanse bedrijf er alle baat bij dat zijn printers zo lang mogelijk meegaan. Ricoh heeft daarmee duurzaamheid hoog in het vaandel staan.

Sander Limonard, Wouter van Diemen, Mark Prins
3 juni

In Europa is het Japanse Ricoh vooral bekend van zijn kopieermachines en industriële printers. 70 procent van deze systemen wordt as a service aangeboden: klanten betalen voor het gebruik van de printer, niet voor het bezit ervan. De leaseperiode bedraagt meestal vijf jaar. Maar wat gebeurt er met de systemen na dat contract?

‘Het businessmodel van Ricoh is van oudsher gebaseerd op de huur van printers via een leasemaatschappij’, zegt Louis Alting Siberg, logistic & re-use asset manager bij Ricoh Europe. ‘Omdat de printers in ons bezit blijven, hebben we er belang bij dat ze zo lang mogelijk meegaan. De uitdaging is dan om de machines op zo’n manier te ontwerpen dat alles uit de materialen en onderdelen kan worden geperst. Dit om ze allemaal zo lang mogelijk mee te laten gaan in hun ‘eerste’ leven, om ze goed te kunnen refurbishen om opnieuw aan te bieden in dezelfde markt – hun tweede leven – en om ze een derde leven te kunnen geven in een low-end markt.’

R-ladder

Wat heeft Ricoh precies gedaan? Al in 1994 richtte het zijn Comet Circle op om het grotere beeld weer te geven van het plan van de Ricoh-groep om de milieu-impact te verminderen en te werken aan een duurzamere toekomst. Gezien het feit dat Ricoh als fabrikant en als verkopend bedrijf al in vroege fases van de productcyclus de grootste bijdrage kan leveren, houdt het met alle zaken rekening. Met het gebruik van deze Comet Circle is Ricoh met elke mogelijke vorm van circulariteit op de R-ladder actief. Op die ladder staan methodes om producten slimmer te gebruiken en te maken (refuse, rethink, reduce), de levensduur van producten en onderdelen te verlengen (re-use, repair, refurbish, remanufacture, repurpose) en materialen nuttig toe te passen (recycle, recover).

Om te beginnen rethink en repair. Ricoh-printers worden zo modulair mogelijk ontworpen en opgebouwd. Er zijn bijvoorbeeld losse modules voor sorteren, papierinvoer, noem maar op. De onderdelen die zich daardoor het best lenen voor re-use zijn de fotoconductorunit, de pcb’s en de hele unit zelf (het frame). Deze modulaire opbouw maakt het bovendien mogelijk dat de klant zelf heel veel onderdelen in de machine kan uitwisselen. ‘We ontwerpen onze machines steeds meer zo dat de klant zelf ook eenvoudige reparaties kan uitvoeren’, aldus Alting Siberg.

Daarnaast heeft Ricoh de ambitie om met remote maintenance steeds minder naar klanten toe te hoeven rijden en de service-intervals te verlengen. Ricoh kan op afstand inloggen op de machine en krijgt daarbij steeds meer info uit de machine. Alting Siberg: ‘Met het nieuwste platform kunnen we de firmware van de machine zelfs upgraden zonder deze fysiek te vervangen.’

Ricohs multifunctionele apparatuur leent zich voor terugname en refurbishment zodat ze kunnen worden hergebruikt en een tweede leven krijgen. ‘Het gaat om ongeveer 150 duizend machines per jaar die terugkomen’, vertelt Alting Siberg. ‘Uitgangspunt bij hergebruik is dat we daarbij zo dicht mogelijk bij de bron sorteren. Machines die zich direct lenen voor hergebruik, worden per land daarvoor geschikt gemaakt en in meestal kortere periodes weer verhuurd.’

Als dat niet het geval is, komt het European Green Centre van Ricoh in Frankrijk in beeld. Hier worden alle producten met restwaarde verzameld, gerefurbisht en als Greenline-productlijn op de markt gebracht. Ricoh refurbisht hier volledige machines, maar ook onderdelen. ‘Greenline maakt deel uit van ons aanbod aan gecertificeerde tweedehandsapparaten die onze klanten voordelige en milieuvriendelijke oplossingen bieden met dezelfde services als nieuwe producten’, stelt Alting Siberg.

Als het einde van deze fase is bereikt, krijgen de printers vaak nog een extra leven. Dat derde leven loopt via negen geselecteerde traders. Veel van deze low-end machines gaan nu naar Egypte, en vandaar naar omliggende landen. ‘Daar is een levendige repair-gemeenschap om de machines draaiend te houden. 10 procent van de machines die daarnaartoe gaat, wordt gebruikt om onderdelen te oogsten. De ervaring leert dat bij het uiteindelijk afdanken van deze machines in emerging markets alle bruikbare onderdelen van machines worden afgehaald. In die zin zijn deze landen aanzienlijk meer circulair: niks wordt weggegooid. Op deze manier kan de levensduur tot twintig jaar oplopen’, aldus Alting Siberg.

Recycling

Veel onderdelen in nieuwe machines bevatten al zo’n 70 procent gerecycled materiaal (plastic), vooral tonerflessen. ‘Als machines uitgeput zijn, zamelen we ze in en hergebruiken en recyclen we de onderdelen ervan’, vertelt Alting Siberg. ‘Tweedehandsapparaten worden ingezameld, geselecteerd en gereviseerd. Dit verlengt de levenscyclus van de apparaten en verlaagt de totale milieu-impact van onze activiteiten. Ook hier is het European Green Centre in Frankrijk een belangrijke plek voor verwerking.’

Via het programma ‘Ricoh Resource Smart Return’ biedt het bedrijf zijn klanten een eenvoudige gratis dienstverlening waarbij onderdelen en verbruiksartikelen op het einde van de levenscyclus kunnen worden terugbezorgd aan Ricoh. ‘Al onze sorteercentra maken gebruik van het Ricoh Asset Management System, dat onderdelen en verbruiksartikelen met herbruikbare elementen zoals metalen, plastic en karton herkent’, verduidelijkt Alting Siberg. ‘De onderdelen worden vervolgens opnieuw verpakt om nog een keer te kunnen worden gebruikt.’

Talent aantrekken

Ricoh heeft meerdere redenen waarom het uitgebreid kijkt naar circulaire stappen. Kosten verlagen en risico’s beperken is de eerste. ‘Gezien het product-as-a-service-verdienmodel is het verlengen van de levensduur een voorwaarde om winst te maken: hoe langer een machine meegaat, hoe meer winst er per machine kan worden gemaakt’, legt Alting Siberg uit. ‘Dit basisprincipe zorgt ervoor dat circulariteit al in de jaren ’90 belangrijk werd binnen Ricoh. Door dat verdienmodel zit het in het dna van het bedrijf om goed voor je materiaal te zorgen.’

‘Dit businessprincipe is doorgetrokken naar een grotere missie op het gebied van circulariteit en duurzaamheid’, gaat hij verder. ‘Nadat we de Duurzame Ontwikkelingsdoelstellingen van de VN en het Akkoord van Parijs in 2016 hebben onderschreven, hebben we ons eraan verbonden om de uitstoot van broeikasgassen in onze eigen activiteiten tegen 2050 tot nul te herleiden. Dit is in overeenstemming met de langetermijnstrategie van de Europese Unie om in datzelfde jaar klimaatneutraal te opereren. Om ons engagement kracht bij te zetten, hebben we ons in 2017 ook aangesloten bij RE100, een collaboratieve groep met veel invloedrijke ondernemingen in de wereld die vastbesloten zijn om 100 procent hernieuwbare energie te gebruiken.’

Het vergroten van de markt is de derde reden. ‘Door het modulaire ontwerp en de actieve reparatiegemeenschappen in opkomende landen zoals in Afrika is het mogelijk om de machines in deze regio’s een volgend leven te geven. Een win-win: mooi dat bedrijven daar geholpen zijn met nog steeds goed werkende machines, en mooi dat deze printers nog dienst kunnen doen, waardoor de levensduur kan oplopen tot twintig jaar.’

Ten slotte helpt de circulaire visie ook bij het aantrekken en behouden van talent. ‘Jongeren gaan niet alleen voor winst, ze gaan nog veel meer voor maatschappelijke betrokkenheid’, weet Alting Siberg. ‘Dat is voor Ricoh duidelijk te merken bij het werven van nieuwe mensen; ons groene karakter geeft daarbij een voordeel.’

Sander Limonard is senior onderzoeker nieuwe businessmodellen op de Haagse Hogeschool. Wouter van Diemen en Mark Prins zijn respectievelijk alumnus Ondernemerschap en student Ruimtelijke Ordening, op de Haagse Hogeschool. Dit artikel is een bewerking van hun casestudie op www.circulairemaakindustrie.nl.