Delft opent fieldlab voor robotica

Zuid-Holland had al verschillende Smart Industry-fieldlabs, maar robotica ontbrak nog in het aanbod. Sinds vorige week kunnen maakbedrijven, startups en studenten bij Robohouse aankloppen voor al hun roboticavraagstukken.

Pieter Edelman
23 januari

Sinds vorige week heeft Delft een fieldlab voor robotica: Robohouse, praktisch op de universiteitscampus gevestigd. Maakbedrijven, maar ook starters en studenten kunnen er terecht om met robotica te experimenteren en te onderzoeken of de technologie hen kan helpen – en zo ja, hoe. Daarvoor is een expositieruimte ingericht met allerhande robotinstallaties, een testruimte om daadwerkelijk met toepassingen aan de slag te gaan en een trainingsruimte.

Het nieuwe aanbod is een initiatief van Festo, ABB, de TU Delft, TNO, Innovationquarter en Robovalley. Daarnaast is er nog een vijftiental andere partijen bij betrokken, zoals de gemeente Delft en Ahold Delhaize, maar ook veel robotleveranciers; voor hen zijn fieldlabs een mooie manier om hun technologie te demonstreren.

Bezoekers konden tijdens de opening van Robohouse een kijkje nemen in de testruimte. Foto: Daniel Verkijk

Het is reeds het 32e fieldlab dat sinds 2014 onder de vlag van Smart Industry het levenslicht zag. Toen presenteerden FME, TNO, het ministerie van Economische Zaken, VNO-NCW en de Kamer van Koophandel hun visie op een Nederlandse tegenhanger voor Industrie 4.0. Fieldlabs moesten hierin een sleutelrol vervullen om de kloof tussen idee en implementatie te overbruggen. Voor maakbedrijven is digitalisering of robotisering immers geen corebusiness, en de fieldlabs zouden hen op heel praktische wijze kunnen ondersteunen.

Robohouse is dan ook niet het eerste fieldlab in de regio; Smitzh, de Zuid-Hollandse vertegenwoordiging van het Smart Industry-programma, telde er reeds zeven: onder meer de Big Data Innovatiehub in Zoetermeer, de Digital Factory for Composites in Den Haag, het Ramlab in Rotterdam voor het 3d printen van metaal en het Dutch Optics Centre in Delft voor optische en fotonische meetsystemen. Maar robotica ontbrak tot nog toe nog.

Ansys Digital Twin Conference

Makerspace

Robohouse verzorgt twee programma’s om zijn visie te verwezenlijken: Discover en Develop. De eerste is bedoeld voor maakbedrijven die aan de slag willen met robotisering van hun productieproces, maar niet zo goed weten hoe. Jaimy Siebel, de algemeen manager van Robohouse, haalde bij de opening een onderzoek aan onder managers waaruit bleek dat de helft van hen denkt dat zij de komende jaren robotica gaan inzetten. Maar veel van hen zitten nog met allerlei vragen: wat houdt robotica eigenlijk in, welke technologie heb je allemaal, wat kan er wel en wat niet? En hoe kies je het project dat het laagste risico voor je investering met zich meebrengt?

Jaimy Siebel, de algemeen manager van Robohouse. Foto: Daniel Verkijk

Het Discover-programma is bedoeld om hen op weg te helpen. Bedrijven kunnen er ten eerste praktische workshops volgen om te ervaren wat er allemaal bestaat op robotgebied. Voor de vervolgstap zijn er gereedschappen ontwikkeld om te identificeren waar de kansen liggen voor het robotiseren van processen, of wat er beter overgeslagen kan worden. En ten slotte kan er in het testcentrum een proof-of-concept worden gemaakt. Die stapsgewijze aanpak moet het risico voor deelnemende bedrijven beheersbaar houden.

Het Develop-programma is meer gericht op individuele deelnemers die meer willen leren over robottechnologie zelf. Startende ondernemers en studenten kunnen er bijvoorbeeld lid worden om cursussen te volgen over onderwerpen zoals veiligheid of het gebruik van Ros. Het geleerde kunnen ze vervolgens dankzij het testcentrum uitproberen. Siebel: ‘Een cursus is natuurlijk beperkt; daar krijg je in een tot vijf dagen veel informatie. Als je echt een specialist wil worden, moet je er daarna mee aan de slag. Daarvoor hebben we een fantastisch testcentrum met bijbehorende makerspace vol manipulatoren, sensoren, lasersnijders en 3d-printers. Iedereen is er welkom.’