Drones krijgen meer lucht

Alexander Pil

Alexander Pil is hoofdredacteur van Mechatronica&Machinebouw.

2 juli

Vorige maand heeft de EU nieuwe regels gepresenteerd voor het gebruik van drones. De EU Aviation Safety Agency (Easa) stelt dat de richtlijnen zijn bedoeld om voor alle dronevliegers duidelijk te maken wat wel en wat niet mag. De wetgeving geldt voor de hele regio, wat betekent dat je makkelijker de grens kunt oversteken met je drone – een verademing voor internationaal opererende dronebedrijven.

Voor relatief simpele droneoperaties is het op dit moment al best aardig geregeld in Nederland, maar er bestaat een spanningsveld tussen wat is toegestaan en wat sommige geavanceerde gebruikers willen. In de buurt van vliegvelden is het gewoon te gevaarlijk om met drones te vliegen. Zelfs boven een verlaten Vondelpark moet je niet met drones aan de gang, omdat er een drukke vliegroute boven ligt. Het gebeurt nou eenmaal weleens dat drones plotseling wegvliegen of om onduidelijke redenen neerstorten. En ook al worden de systemen steeds betrouwbaarder, voor de veiligheid sluit de overheid het luchtruim in dat soort gebieden volledig af.

Een van de wijzigingen in de nieuwe Europese richtlijnen is dat het onderscheid tussen recreatieve dronepiloten en beroepsvliegers komt te vervallen. Dat leverde in het verleden weleens scheve situaties op. Hobbyisten mochten vaak meer dan professionals. Dat lijkt krom, maar het idee is dat beroepsgebruikers geld moeten verdienen en daarom meer druk zullen voelen om te grote risico’s te nemen. Met de nieuwe regels wordt alles gelijkgetrokken: iedereen moet zich aan dezelfde wetten houden.

Er komen nieuwe categorieën die zijn gebaseerd op de risico’s en het gewicht van de drone. Verreweg de meeste drones vallen in de Open-categorie. De beperkingen daarvoor zijn heel schappelijk. Je mag niet hoger dan honderdtwintig meter vliegen en de operator moet de drone altijd kunnen zien. Waar je allemaal mag vliegen, hangt af van het gewicht: hoe zwaarder de drone, hoe meer restricties.

ABI Motion Control

Als je hoger, verder en zwaarder wilt, kom je in de Specific-categorie. Droneoperaties uit die klasse lijken sterk op die waarvoor je nu in Nederland een certificaat moet hebben (een ROC, of Remotely Piloted Aircraft System Operator Certificate, om precies te zijn). Gebruikers moeten een gedegen risicoanalyse doen en de nodige veiligheidsmaatregelen nemen.

Ten slotte heb je de Certified-categorie. Dat is voor bijvoorbeeld het vervoer van personen of gevaarlijke stoffen, of wanneer je met een grote drone boven mensenmassa’s wilt vliegen. Dan kom je op het niveau waarop je aan vergelijkbare eisen moet voldoen als in de reguliere luchtvaart. Best wel streng en best wel duur dus. Maar als je plannen hebt voor een luchttaxi, zoals de organisatie van de Olympische Spelen van Parijs in 2024, moet je je dus aan deze regels houden.

Een ander punt is dat vrijwel alle drones straks identificatiegegevens moeten uitzenden. Als je een ontvanger hebt, dan kun je zo de omgeving scannen en zien waar er drones vliegen. Dat maakt het voor bijvoorbeeld een traumahelikopter een stuk makkelijker om botsingen te voorkomen. Zo’n verplichte identificatie kan ook helpen om situaties te voorkomen zoals vorig jaar toen een onbekende drone het Londense vliegverkeer dagenlang platlegde.

De nieuwe droneregels gaan medio 2020 in. Vanaf dat moment moeten ook alle operators zijn geregistreerd. Hoe en waar ze dat moeten doen, is nog onduidelijk. Ook is nog onbekend waar je de training kunt volgen en het examen kunt doen voor de hogere categorieën. Gecertificeerde dronevliegers en ROC-houders kunnen tot halverwege 2022 teren op hun brevet, maar voor nieuwe operators wordt het wellicht even zoeken.

Door de bank genomen, zal de wetgeving voor de meeste gebruikers gunstig uitpakken. Als je je netjes registreert en je drone is voorzien van een ce-keurmerk, mag je vanaf volgend jaar meer. Een follow-me-drone die achter je aan vliegt tijdens het snowboarden, is straks bijvoorbeeld toegestaan. En waar autonome drones nu nog uit den boze zijn, kun je vanaf volgend jaar elke dag je akker laten controleren met een zelfvliegend systeem. Uiteraard mits je de juiste veiligheidsmaatregelen hebt genomen en dat is zeker niet evident. Daarmee lijken de nieuwe EU-regels de innovaties in droneland te faciliteren. Natuurlijk zullen er altijd ideeën en plannen zijn die buiten de grenzen vallen, maar de richtlijnen sluiten in elk geval aan bij de opwaartse trend in de drone-industrie.