Eindhoven Engine geeft groen licht aan vijf innovatieprojecten

Alexander Pil
13 juli

Met een investering van ruim 2,2 miljoen euro krijgen vijf innovatieve projecten met potentiële impact op samenleving en economie binnen Eindhoven Engine de ruimte om te ontwikkelen. Samen vertegenwoordigen deze projecten een investering van 16,8 miljoen euro. Het geld voor de Eindhoven Engine Opencall komt uit de Regio Deal Brainport.

Foto: Eindhoven Engine

Na de indieningsdeadline op 4 juni heeft een team van experts de elf ingediende projecten onderzocht. Elk van de projecten werd eerst beoordeeld aan de hand van vooraf gepubliceerde, formele criteria. Paul Merkus, coördinator van de Opencall: ‘De tekst van de Opencall 2020 was duidelijk, waardoor het evaluatieproces soepel en eerlijk verliep. Het team van ervaren, onafhankelijke experts heeft op basis van deze criteria de rangorde van de negen geschikte voorstellen kunnen bepalen.’ Vorige week heeft de adviesraad van Eindhoven Engine – met vertegenwoordigers van TU Eindhoven, TNO, Fontys en het bedrijfsleven – ook positief geadviseerd over de voorgestelde selectie van projecten.

De vijf projecten zijn:

– Carbyon zal direct air capture-technologie ontwikkelen om CO2 uit de atmosfeer te verwijderen en er een groene vervanger van fossiele brandstoffen van te maken;

– Het Ecos-IAQ-project richt zich op het creëren van productontwikkelconcepten voor luchtbehandelingsfabrikanten, luchtfilterfabrikanten, controlebedrijven en installateurs;

– Het Iheat@Home-project draagt bij aan een baanbrekende innovatie op het gebied van thermische energieopslag: een warmtebatterij die beter, goedkoper, kleiner en groener is dan welke concurrent dan ook;

– Power Fitting optimaliseert de relatie tussen vitaliteit en de (thuis) kantooromgeving door de combinatie van data-acquisitie, integratie en toepassing voor validatie en versnelling van gebruikersgerichte oplossingen;

– Het Wombath-consortium gaat een medisch hulpmiddel ontwikkelen – een kunstmatige baarmoeder – dat de veilige ontwikkeling van extreem premature baby’s buiten de baarmoeder ondersteunt.

‘Vooral in deze tijd van de coronapandemie zien we een grote behoefte aan innovatie. Bedrijven en kennisinstellingen hebben intensief samengewerkt om met sterke projectvoorstellen te komen’, stellen Eindhoven Engine-directeuren Katja Pahnke en Maarten Steinbuch. ‘We zien daarom een mooie mix van diversiteit in de consortia. Eindhoven Engine begint steeds meer op stoom te komen.’