Industrie start sterk in 2021

Alexander Pil
2 februari

De Nevi-inkoopmanagersindex van januari was 58,8, de grootste verbetering van de bedrijfsomstandigheden sinds september 2018. Ook de toename van de productieomvang was de grootste sinds september 2018, aangejaagd door een groei van het aantal orders die vergelijkbaar was met december, toen de grootste stijging in vierendertig maanden werd genoteerd. De toename van de exportorders was de een na grootste sinds februari 2018.

‘Nadat het eerste herstel sinds november vooral te danken was aan de sterk toegenomen vraag naar halffabricaten, liet in januari ook de vraag naar kapitaalgoederen een krachtig herstel zien’, stelt Albert Jan Swart, sectoreconoom industrie bij ABN Amro. ‘Dat blijkt eveneens uit cijfers over het producentenvertrouwen van het CBS. Voor het eerst sinds het begin van de coronacrisis is het vertrouwen van industriële ondernemers per saldo weer nipt positief: 0,6 procent. Het vertrouwen van de elektrotechnische en machine-industrie verbeterde ten opzichte van december het meest. Dat was vooral te danken aan het oordeel over de orderpositie, dat opveerde van per saldo -13,7 procent in december naar +7,2 procent in januari. De toenemende vraag naar machines duidt er vermoedelijk op dat ondernemers weer durven investeren doordat het eind van de crisis in zicht is.’

Toch zijn er ook risico’s, waarschuwt Swart. ‘Toeleverketens staan nog steeds onder druk door de nasleep van de chaotische situatie in het begin van de pandemie, de plotseling sterk stijgende vraag gedurende de laatste maanden en de reisbeperkingen en andere maatregelen tegen het coronavirus. Tijdens de eerste lockdown raakten veel ondernemingen in paniek en trapten inkoopmanagers op de rem, wat leidde tot zeer kleine voorraden. Nu de economische vooruitzichten zijn verbeterd, proberen bedrijven weer voorraden op te bouwen, wat leidt tot een sterke toename van de nieuwe orders. Dit zogenoemde Forrester- of bullwhip-effect veroorzaakt schokgolven door productieketens. Langere levertijden kunnen leiden tot tekorten aan bepaalde onderdelen, die de komende maanden de productie zouden kunnen remmen.’