Nederlandse bedrijven bundelen materiaalonderzoek in M2I

Clara Dorrepaal
25 juni 2008

Het Nederlandse topinstituut voor metaalonderzoek Nimr heeft het nieuwe innovatieprogramma voor materiaalonderzoek M2I gelanceerd. Nimr veranderde ook zijn naam in M2I. De overheid draagt 8,7 miljoen per jaar bij aan het onderzoek. Deelnemende bedrijven vullen dit aan tot 20 miljoen euro.

Vijftien industriële partners, waaronder Corus en ASML, voeren binnen het programma materiaalonderzoek uit bij de deelnemende universiteiten. Naast onderzoek organiseert het M2I kennisoverdrachtprojecten voor het MKB.

De onderzoeksagenda kent acht technologische thema‘s. Er is aandacht voor levensduurvoorspelling, oppervlaktetechnologie en het verbinden van materialen. Fundamenteel onderzoek richt zich op de macroscopische eigenschappen van heterogene media vanuit processen op microscopische schaal. Nieuwe staalsoorten hebben een eigen plaats in het programma, net als lichtgewicht materialen met hoge sterkte. Hierin komen aluminium, composietmaterialen en keramiek aan de orde. Micro-elektronica valt onder de procestechnologie van functionele materialen. Daarnaast is het modelleren van processen en materiaaleigenschappen een thema.

M2I valt onder de ’Innovatie in dialoog‘-aanpak van het ministerie van Economische Zaken. In ’Innovatie in dialoog‘ krijgen kansrijke sectoren binnen de Nederlandse economie een financiële impuls. De programma‘s komen tot stand op initiatief van bedrijven en kennisinstellingen en zijn gericht op het toepassen en vermarkten van kennis. M2I valt onder het innovatie-sleutelgebied ’Hightech systemen en materialen‘.