‘Philips-onderdeel’ Itec op eigen benen verder

Na dertig jaar onder de vleugels van Philips, NXP en Nexperia heeft backend-machinebouwer Itec zich losgemaakt van het moederbedrijf. Waarom nu deze stap?

Paul van Gerven
15 september

Terwijl de wieken van de twee molens op de machine draaien, worden piepkleine componenten voorzichtig uit een gezaagde wafer opgepakt, optisch geïnspecteerd, van de ene naar de andere molen doorgegeven zodat de chip wordt omgedraaid, om deze ten slotte op een lead frame of tape te plaatsen. Geen van deze handelingen zijn met het blote oog te volgen omdat ze met duizelingwekkende snelheid worden uitgevoerd. De nieuwste generatie pick-and-place-apparatuur van Itec kan 72 duizend dies per uur overzetten.

De ADAT3XF-die-bonder van Itec op het r&d-hoofdkantoor in Nijmegen. Beeld: Itec

De ADAT3XF-die-bonder is Itecs pièce de résistance. ‘Onze dubbele-molen-technologie is uniek; geen enkel ander bedrijf heeft die in huis. Het verhoogt de efficiëntie omdat elke arm op elk moment een nuttige handeling uitvoert. Bij traditionele pick-and-place-apparatuur moet de arm telkens leeg terugkeren om het volgende onderdeel op te pakken’, legt algemeen directeur Marcel Vugts van Itec uit.

Tot voor kort was er slechts één bedrijf dat zijn voordeel kon doen met de ADAT3-lijn en andere backend-technologieën die door Itec zijn ontwikkeld: Nexperia, de voormalige divisie Standaard Producten van NXP. Itec was immers een integraal onderdeel van de in Nijmegen gevestigde halfgeleiderfabrikant.

Begin juli heeft Itec zich echter losgemaakt van het moederbedrijf. Als een zelfstandige entiteit kan het meer klanten bedienen, en Vugts verwacht dat de industrie deze stap zal toejuichen. ‘Hoewel Itec niet op de vrije markt opereerde, waren veel mensen op de hoogte van de toonaangevende prestaties van onze machines.’

Profileren

Vergeleken met ‘gewone’ chips maken de assemblage- en verpakkingskosten van discrete componenten een relatief groot deel uit van de totale fabricagekosten. Omdat ze (veel) kleiner zijn dan complexere ic’s, passen er (veel) meer van op een wafer, wat de kosten voor frontend-fabricage drukt. De kosten voor het backend-gedeelte zijn daarom relatief groter. ‘De backend is waar fabrikanten van discrete componenten het verschil moeten maken. En apparatuur is een belangrijk hulpmiddel om dat te kunnen doen’, zegt Vugts.

Om die reden besloot Philips dertig jaar geleden dat de productie van backend-halfgeleiderapparatuur een strategische activiteit was. Let wel, het beroemde verticaal geïntegreerde elektronicaconglomeraat had het in die tijd bijzonder moeilijk. Tienduizenden mensen werden ontslagen en veel activiteiten werden stopgezet of verzelfstandigd. Terwijl de meeste afdelingen voor de ontwikkeling van productieapparatuur werden gesloten, werd het Industrial Technology and Engineering Center juist opgestart.

Itec bleef drie decennia lang een interne activiteit van Philips, NXP en uiteindelijk Nexperia. Inmiddels telt de installed base meer dan 2500 tools. ‘Deze constructie was uniek; geen enkel ander halfgeleiderbedrijf heeft zijn apparatuurproductie in eigen huis gehouden. Wij kennen het halfgeleiderproductieproces van voor tot achter en bedenken oplossingen redenerend vanuit het product en het proces, niet uitsluitend vanuit de equipment engineering’, stelt Vugts. ‘Natuurlijk is de positie van Itec binnen het bedrijf met enige regelmaat onder de loep genomen, maar telkens werd besloten dat het een kernactiviteit was.’

Wat is er nu dan veranderd? ‘We zagen mogelijkheden om de efficiëntie en kosteneffectiviteit van Itec te verhogen. De productie van hightech apparatuur is r&d-intensief en heeft een groot schalingseffect: hoe meer apparatuur je kunt verkopen, hoe beter het rendement op je investering. Daarom is de directie van Nexperia twee jaar geleden samen met enkele strategische partners gaan onderzoeken of Itec zijn horizon zou kunnen verbreden. Toen het antwoord bevestigend bleek, is besloten dat Itec zich moet kunnen profileren als een onafhankelijke fabrikant van apparatuur.’ Overigens snijdt Itec niet alle banden door want het blijft deel uitmaken van de Nexperia-groep.

Honderdduizenden dies per uur

‘Het pick-and-place-spel draait om hoge volumes, hoge precisie, hoge kwaliteit, lage kosten en kleine dies. Er zijn verschillende markten in opkomst waarin deze aspecten ook spelen. Rfid-labels zijn een goed voorbeeld. Deze moeten concurreren met barcodes, die in wezen gratis zijn. Om daarmee te kunnen concurreren, moeten de productiekosten van rfid-labels ook in die orde van grootte zijn. We hebben er alle vertrouwen in dat Itec kan helpen om dat te realiseren, aangezien het bevestigen van piepkleine dies op de antennecircuits deel uitmaakt van het fabricageproces. Dat moet uiteraard met een zeer hoge throughput gebeuren.’

Algemeen directeur Marcel Vugts van Itec staat nu aan het hoofd van een zelfstandig bedrijf. Beeld: Itec

‘Led-displays vormen ook een interessante nieuwe toepassing. Mini-led-displays bestaan uit led-chips met afmetingen in de orde van millimeters. Sommige van deze schermen worden al vervaardigd met behulp van pick-and-place-technieken. Dat wordt ook overwogen voor micro-led-displays, die kleinere pixels hebben. Daarvoor moeten veel meer chips per display worden geplaatst en dat kan uiteraard alleen kosteneffectief bij zeer hoge overdrachtssnelheden.’

Het aanboren van nieuwe markten is de belangrijkste motivatie om Itec af te splitsen van Nexperia, zegt Vugts. ‘Maar we denken ook dat Itec als organisatie beter zal gaan presteren door schaalvergroting en het bedienen van nieuwe klanten. Nexperia zal daarvan profiteren.’ Betekent dit dat Itec bereid is om aan Nexperia’s concurrenten te leveren? ‘Wij stippelen onze eigen koers uit en sluiten dus geen klanten uit.’

Het ‘jonge’ bedrijf staat nu twee uitdagingen te wachten. ‘We moeten onze organisatie opschalen, onze eigen sales en marketing en productmanagement opzetten en dedicated teams vormen om met nieuwe klanten te werken. Ook breiden we onze engineeringteams uit – alleen al op onze r&d-locatie in Nijmegen hebben we 25 vacatures op een totaal van 80 medewerkers. Die mensen zijn hard nodig, omdat we technologisch stappen moeten zetten. Rfid-chips zijn kleiner dan alles wat Nexperia produceert, dus onze apparatuur moet dat aankunnen. En op langere termijn moeten we het pick-and-place-proces fundamenteel herzien om de doorvoer drastisch te verhogen tot enkele honderdduizenden dies per uur.’

Dit artikel is geschreven in samenwerking met Nexperia.