Sensortechniek verbetert rendementen agrarische sector

Alexander Pil
4 sep 2017

Onderzoek door Rabobank Australië laat zien dat drie kwart van de Australische boeren huiverig is voor het gebruik van sensortechniek. De Rabobank spreekt van ‘barrières die de agrarische sector in Australië weerhouden om te investeren.’ Dat staat in schril contrast met de Nederlandse boeren.

Uit het Rabobank-onderzoek blijkt dat 23 procent van de Australische boeren sensortechniek gebruikt. Rabobank-analist Wesley Lefroy zegt zelfs: ‘Van hen geeft minder dan 40 procent aan dat hun winst is verbeterd dankzij de sensoren. Voor veel niet-gebruikers is de rentabiliteit van zo’n investering onduidelijk.’

Volgens Rob Pieters, accountmanager Agrotechnologie bij Sentech, onderschatten de Australische boeren de mogelijkheden van sensortechniek: ‘Dat is begrijpelijk want voor elke technologie geldt dat als die niet juist wordt toegepast, het niet aan de verwachtingen zal voldoen. En dat is, denk ik, in Australië aan de hand.’

In Nederland wordt precisielandbouw op een brede schaal toegepast en ontwikkelt het zich nog altijd. Sinds 2015 bestaat een publiek-privaat onderzoeksprogramma ‘Op naar Precisielandbouw 2.0’. Dit programma beschrijft zijn doel als volgt: ‘Om de komende vier jaar met meer dan twintig partners onderzoek te doen op strategische thema’s binnen precisielandbouw, om zo de implementatie te versnellen en de voordelen ervan voor telers, ketens en maatschappij te oogsten. De partners binnen het onderzoekprogramma zijn eindgebruikers, toeleverende bedrijven, ketenpartijen en kennisinstellingen.’

Pieters juicht die ontwikkeling toe: ‘Nederlandse boeren haalden dertig jaar geleden hun neus op voor agrotechniek maar nu is hier bijna alles geautomatiseerd of geregeld, van koeien melken tot voeren, en van landbemesting tot oogsten. Dat kan alleen maar door de toepassing van de juiste sensor. Ze kunnen vandaag de dag zelfs niet meer zonder. Het heeft hun rendementen zodanig verbeterd dat ze goed kunnen concurreren op hoge kwaliteit en opbrengsten.’