Softwarebouwer Prime Vision schaalt op in robotmarkt

Onlangs trad Prime Vision met het nieuws naar buiten dat het VDL in de arm had genomen voor de productie van ruim 750 sorteerrobots. De autonome mobiele robots zijn bedoeld voor een Amerikaanse klant die ze op verschillende locaties gaat inzetten om pakketten sneller en efficiënter te sorteren. De order van enkele miljoenen euro is een mijlpaal voor de Delftse vision- en softwarespecialist omdat het bedrijf vanaf nu de vruchten kan plukken van een ontwikkeltraject waarvoor het vijf jaar geleden het startschot gaf.

Alexander Pil
12 januari

De afgelopen jaren – zeker tijdens de coronacrisis – is het aantal online bestellingen geëxplodeerd. ‘E-commercebedrijven zitten met hun handen in hun haar hoe ze die gigantische stroom pakketten in hemelsnaam kunnen verwerken’, schetst Dirk van Lammeren, commercieel directeur bij Prime Vision. ‘Veel stappen in de sorteer- en distributiecentra zijn al geautomatiseerd, maar er blijft nog altijd heel veel handwerk over. Juist die factor begint complex te worden omdat mensen het werk niet meer willen doen. Bovendien zijn het zo veel pakketten dat mensenhanden het niet langer aankunnen. Verdere automatisering en robotisering zijn hard nodig, en daar komen onze oplossingen om de hoek kijken.’

Met zijn amr’s komt Prime Vision tegemoet aan de nood om sorteercentra meer flexibel en schaalbaar te maken.

Als Mechatronica&Machinebouw hem spreekt, komt Van Lammeren net uit een call met een Australische pakketverwerker: ‘Die krijgt nu drie keer het volume voor zijn kiezen dan wat hij normaal moet verwerken. Hij komt er gewoon niet doorheen. En het bedrijf heeft een prima strategie hoor, met grote hubs waar het vijftigduizend pakketten per uur kan afhandelen. In aanloop naar de kerstperiode wil het nu pop-upsites inrichten. Dat soort klussen past uitstekend bij ons robotconcept.’

Bernd van Dijk, innovatiedirecteur bij Prime Vision, vult aan: ‘We zijn uniek in de snelheid waarmee we zo’n sorteersite kunnen neerzetten. De robots hebben geen externe infrastructuur nodig om zich te oriënteren. Je zet ze neer en vertelt ze wat ze moeten doen. Binnen een paar dagen kun je aan de slag zijn, terwijl de benchmark in deze sector minstens een paar maanden is.’

Om het probleem van de Australische pakketverwerker en andere geïnteresseerden op te lossen, heeft Prime Vision echter één harde noot te kraken: de toeleverketen. ‘Op dit moment is dat ons grootste obstakel’, zegt Van Dijk. ‘In onze robot zitten enkele componenten die momenteel heel schaars zijn. In samenwerking met onze partners hebben we voor meerdere onderdelen al wel een alternatief gezocht en gevonden, maar simpelweg de robots gemaakt krijgen, is echt een uitdaging.’

De toeleverketen is momenteel de grootste uitdaging voor Prime Vision; een aantal componenten is heel schaars.

Van Lammeren legt uit dat Prime Vision sommige onderdelen op voorraad neemt maar dat het bedrijf te klein is om een batterij kant-en-klare robots in zijn magazijn te hebben staan. ‘We zien steeds meer geïnteresseerden en het aantal orders stijgt, dus we schakelen op. Deels ben je afhankelijk van je toeleveranciers, maar we geloven er ook heel sterk in dat de juiste partners het verschil kunnen maken. En dat je als organisatie natuurlijk bereid moet zijn om risico te nemen.’

Frustratie

Dat Prime Vision in de robottechnologie terecht is gekomen, is allerminst evident. Het bedrijf, dat zijn oorsprong vindt in de researchafdeling van de PTT, was namelijk jarenlang gespecialiseerd in softwareoplossingen voor computervision en optical character recognition in de logistiek. ‘De kans is groot dat onze software het label heeft gescand van jouw pakketje of van jouw koffer op het vliegveld’, aldus Van Lammeren.

Van visionspecialist naar robotontwikkelaar, Prime Vision heeft de afgelopen jaren een omslag gemaakt.

Als kind aan huis bij veel logistieke bedrijven zag Prime Vision waar die partijen tegenaan lopen. ‘Ze investeren tientallen miljoenen in grote sorteercentra en een vaste infrastructuur, maar daar moeten nog steeds heel veel mensenhandjes aan te pas komen’, legt Van Dijk uit. ‘Dat is niet meer van deze tijd. Je wilt dat die processen flexibel en schaalbaar zijn. In die wereld is dat een flinke frustratie.’

Een tweede trend is dat het volume niet alleen groeit op centrale plekken waar je relatief eenvoudig kunt automatiseren. ‘Ook dichter bij de klant nemen de volumes toe, in kleinere centra waar louter met de hand wordt gesorteerd’, weet Van Lammeren. ‘Vroeger lukte dat nog wel, maar nu lopen medewerkers vijftien tot twintig kilometer per dag met pakketjes te sjouwen. Dat is op den duur natuurlijk niet meer houdbaar.’

Skateboard

Prime Vision constateerde een jaar of vijf geleden dat er geen oplossing voor dat probleem bestond en sprong in het gat. De Delftenaren bedachten een systeem op basis van volledig autonome robots. Kennis over de benodigde visiontechnologie hadden ze in huis, maar van robotica hadden de engineers op dat moment nog weinig kaas gegeten. De eerste stap was daarom een zoektocht naar een robotbouwer waarmee Prime Vision kon samenwerken.

‘We hebben een rondje gemaakt in Europa om te kijken of we een robotspecialist konden meekrijgen als hardwarepartner’, vertelt Van Dijk. ‘Helaas deelden ze onze visie niet, wilde niemand eraan dat het uiteindelijk om grotere volumes zou gaan en durfden ze het risico niet te nemen. Uiteraard wilden ze de robots best voor ons bouwen, maar wel voor de prijs die ze hanteren voor kleine series.’ Dat werd te duur voor het businessmodel dat Prime Vision voor ogen had en dus ging het zelf aan de slag.

De robots hebben geen externe infrastructuur nodig waardoor een sorteersite binnen een paar dagen in de lucht is.

Met drie afstudeerders en een paar senior engineers met diepgaande domeinkennis van de logistiek bouwde Prime Vision zijn eerste model: letterlijk een skateboard met een motortje erop. ‘We zijn gewoon gaan bouwen en experimenteren. Met een aantal klanten hebben we verschillende proofs of concept gedaan tot we uitkwamen op de robot zoals die er nu staat’, aldus Van Dijk.

Daarmee kwam Prime Vision stilaan bij de grens van zijn comfortzone. ‘We zijn een softwarebedrijf’, verduidelijkt Van Lammeren. ‘De eerste twintig à dertig robots kunnen we nog wel zelf bouwen. Maar als het er om duizend gaat, komen we daar niet meer mee weg. Met VDL als partner kunnen we de robots nu op industrieel niveau en op grote schaal leveren.’

Grotere vloot

Zoals gezegd, is de prijs een belangrijk criterium voor Prime Visions robots. Van Dijk: ‘We concurreren tegen traditionele, vaste opstellingen. Als we onze oplossing voor hetzelfde kostenniveau kunnen aanbieden, zijn we door onze flexibiliteit en schaalbaarheid per definitie interessanter.’ Hoe ver Prime Vision nog van dat target is verwijderd, vindt Van Dijk moeilijk te zeggen. ‘Dat komt omdat het proces doorslaggevend is. Je vraagt klanten immers om hun werkwijze te veranderen. En hoewel dat uiteindelijk tot een grote doorbraak kan leiden, vraagt dat wel wat tijd. Dat is uitdagend omdat je meestal met mensen aan tafel zit die het worst zal zijn hoe het gebeurt, als het volume aan het eind van de dag maar is gedraaid.’

Omdat geen enkele robotspecialist wilde instappen als hardwarepartner, startte Prime Vision zijn eigen ontwikkeling.

Van Lammeren: ‘De grote spelers in deze markt hebben megasites waar elke dag honderdduizenden pakketten doorheen gaan. Dat is een league die we waarschijnlijk nooit zullen halen. Een paar duizend per dag is echter een heel ander spel. Laten wij daar maar eens beginnen.’

Nu rijden er op de verschillende sites in de VS steeds ongeveer 25 robots. ‘Volgend jaar groeit dat naar vijftig tot honderd per site’, aldus Van Dijk. ‘En het jaar daarna willen we het opnieuw verdubbelen. Dan kom je aan de capaciteiten die voor steeds meer partijen interessant worden.’

Daarmee stipt Van Dijk een van de technische uitdagingen aan: hoe zorg je ervoor dat steeds meer robots op hetzelfde oppervlak efficiënt blijven rondrijden? ‘We hebben TLR 9 gehaald, wat zo veel betekent dat onze robots goed in productie draaien’, zegt Van Dijk. ‘We zien echter genoeg verbeterpunten om de flexibiliteit volledig uit te nutten. En we werken dus aan het vergroten van de vloot, waarbij alle integratiestappen steeds belangrijker worden.’

Van Lammeren vult aan: ‘Het systeem is robuust en compliant, en er zit een heel serviceconcept achter waardoor we bij software- of hardwareproblemen altijd in eerste of tweede lijn beschikbaar zijn. Nu is het zaak om mee te schalen met onze klanten, om meer volume te draaien en om te integreren met bestaande sorteervormen. Daarvoor staan we nu aan de tekentafel.’